Ana Moura in Het Zaantheater, Zaandam

15 maart 2005

Voor de liefhebbers was het een concert om van te smullen. Moura, net terug van een aantal uitverkochte optredens in de New Yorkse Carnegie Hall, wist het publiek vanaf de eerste noot aan zich te binden.
Haar repertoire bestond uit een aantal klassiekers en werk van haar twee cd’s waarbij de nummers van haar leermeester Jorge Fernando extra nadruk kregen. Ze weet zich begeleidt door drie strak spelende muzikanten waar het fabuleuze gitaarspel van José Manuel Neto uitspringt. De man bespeelt de Portugese Gitaar met een soort Claptonesk gemak en weet dit saai ogende instrument funky klanken te ontlokken.
De kracht van de zang van Moura ligt in haar natuurlijke manier van zingen. Ze bedient zich niet van theater of vals en gemaakt sentiment. Hiermee weet ze een stukje fadohuis het theater in te brengen en blijft daarmee dicht bij de roots van de stijl
Twee jaar geleden was het nog een meisje dat bijna verontschuldigend op het toneel stond. Nu straalde ze kracht en zelfverzekerdheid uit die bij haar en haar stijl van zingen past.
Was er dan helemaal niets te klagen? Jawel, vergeleken bij haar collega-fadista Mafalda Arnauth mag ze wel wat aan haar belichting doen. Dat was wit, hard en koud en in combinatie met een volop draaiende rookmachine gaf het een kil beeld. Die kilte wist ze met de kracht van haar stem te verdrijven, maar toch …………………………..

Philip Nijman.

Meer recensies