|
1. Naam:
Ruud Heijjer
2. Geboortedatum:
Geboren in 1956, ben ik dus al heel lang 28.
3. Algemene achtergrond:
Ik ben na ooit een jaar te hebben kennis gemaakt met het bankwezen uit
overtuiging de toen Nieuwe lerarenOpleiding gaan doen, ben tweedegraads bevoegd
in Nederlands en Engels. Ik geef inmiddels langer dan 20 jaar les, met af en
toe gedeukte, maar overigens ongeschonden overtuiging, sinds 1985 in het MBO.
Daar proberen de leerlingen me er soms van te overtuigen dat mijn muzikale
smaak volkomen achterhaald is.
4. Muzikale achtergrond:
Ik ben al heel lang meerderjarig, maar gelukkig nooit groot geworden:
popmuziek is nog altijd even belangrijk voor me als 35(!?) jaar geleden, en ik
hoop elke keer weer geraakt te worden.
Mijn eerste kennismaking met pop was via de radio van mijn vader, die
aanvankelijk vaak op Radio Veronica stond. Tijdens logeerpartijen bij mijn oom
en tante sloeg de popmuziek, gepersonifieerd door de Beatles, hard toe via de
lp’s die mijn neef van hen had, hoewel ik er geen woord van kon verstaan.
Please, Please Me, With The Beatles, A Hard Day’s Night, Help en alles wat
daarna kwam mocht ik daar zelf opzetten, zo klein als ik was. Uiteraard kende
ik de liedjes daarna uit het hoofd en daar zitten ze nog altijd. Oom Leo en
tante Ank waren trouwens de enige volwassenen die popmuziek goed vonden en ook
uitlegden waarom: the Beatles, the Doors, Joe Cocker en José Feliciano werden
in de huiskamer gedraaid en hun teksten werden voor mij vertaald en besproken,
herinner ik me.
Daarna is de besmetting gelukkig nooit meer overgegaan.
5. Eerste single:
Mijn Gebed van D.C. Lewis, maar ik ben onschuldig, Edelachtbare, want hij
was voor mijn moeder en bovendien heb ik daarna nooit meer een single gekocht!
6. Eerste plaat:
De eerste lp van Stealers Wheel. Daarvoor had ik wél een bandrecorder,
die ik achterop de fiets meenam naar Koos Verwer om zijn platen op te nemen.
Volgens mij was het debuut van Crosby, Stills & Nash daarvan de eerste.
7. Muzikale voorkeuren:
Singer-songwriters, pop, New Orleans-funk, etc.
8. Muzikale afkeer van:
muziek die niet wordt gemaakt om een gevoel uit te drukken, maar als
resultaat van marktonderzoeken.
9. Favoriete plaat:
Neil Young’s Zuma, Joni Mitchell’s Hejira, Steely Dan’s Aja, Tom Waits’
Raindogs, Chris Whitley’s Livin’ With The Law, Ashley Maher’s Pomegranate,
Moondog Jr’s Every Day I Wear A Greasy Black Feather On My Hat, Ani DiFranco’s
Little Plastic Castle, Marc Cohn’s The Rainy Season, Anders Osborne’s Living
Room, Mark Hollis’ titelloze solo-cd, CPR’s titelloze debuut, Bruce Cockburn’s
Breakfast in New Orleans, Dinner in Timbuktu, El Fish’s Wisteria, Little Feat’s
Waiting For Columbus 2CD, Jim White’s No Such Place, Randall Bramblett’s No
More Mr Lucky, Wendy MaHarry’s Released 2CD, etc.
10. Favoriete artiest:
Alle hierboven al genoemde, plus Janis Ian, Hans Theesink, Willy DeVille,
Arto Lindsay, Daniel Lanois, Lyle Lovett, Dr. John, J.J. Cale, Arno, Paolo
Conte, Allen Toussaint, Emmylou Harris, the Meters, Hayden, Bonnie Raitt, Frank
Boeijen, Larry John McNally, Rickie Lee Jones, Bram Vermeulen, David Sylvian,
Tori Amos, Sparklehorse, Vandeven, Jon Cleary & The Absolute Monster Gentlemen,
etc.
11. Beste concert ooit:
Little Feat in Paradiso, op 20 november 1995, waar de groep liet horen
dat de combinatie van bezieling en muzikaliteit ook op latere leeftijd tot
mooie dingen leidt, en ze lieten zien dat het samen spelen belangrijker is dan
veel publiek succes, CPR in een extra concert in De Boerderij in Zoetermeer op
11 juli 2001, waar David Crosby en de zijnen exact hetzelfde deden en Ani
DiFranco + band in De Melkweg op 23 november 2001 om precies die reden.
12. Luistert het liefst muziek:
Zonder anderen om me heen, al blijft het zelfs dan moeilijk het gevoel te
benaderen dat ik had toen de muziek echt indruk maakte, de eerste keer dat ik
haar hoorde.
13. Geheime muzikale liefde:
New Orleans-funk in het algemeen en Anders Osborne in het bijzonder, een
Zweed die er naartoe verhuisde, omdat hij gek was van de muziek uit die stad.
Hij dreigde even door te breken met Which Way to Here voor Okeh (Sony), maar
ten gevolge van de klassieke managementswissel en niet bevallende opnamen werd
hij door dat label gedumpt. Hij deed zichzelf veel schade met het desastreuze
Live At Tipitina’s en werd daarna in Nederland volkomen ten onrechte volkomen
genegeerd met zijn prachtige comeback-cd Living Room, waarop hij diepe wanhoop
combineert met second line-ritmes en furieus gitaarwerk. Ook met Ash Wednesday
Blues en Bury The Hatchet, de duo-plaat met Big Chief Monk Boudreaux, brak hij
niet door.
14. Zou graag:
Zo schrijven dat de lezer de beschreven muziek herkent waarover het gaat,
wanneer hij/zij(?) die gaat beluisteren.
|