Postuum: Bob Johnston, producer

22 augustus 2015

Bob Johnston hoort in het rijtje grote popplatenproducers, met Phil Spector, Jack Nitzsche, Rick Rubin, Daniel Lanois en T Bone Burnett. Het grote verschil tussen Johnston en de anderen is dat je hem niet ‘hoort’ op de platen die hij heeft geproduceerd. Zijn grote kracht was niet het geluid maar de sfeer – en zijn onvoorwaardelijke geloof in de persoonlijkheid van zijn artiesten. Ze mochten hem evengoed gerust aan de kant zetten. "Ik heb geen contract met jullie, ik heb een contract met CBS." Bob Johnston overleed op 83-jarige leeftijd op 14 augustus aan een hartstilstand. Hij lag al enige tijd in een hospice.

Bob Johnston heeft platen geproduceerd van John Mayall, Loudon Wainwright, Pete Seeger, Jimmy Cliff, The Waterboys en een stuk of twintig anderen. Baanbrekend is zijn samenwerking met Simon & Garfunkel, Leonard Cohen, Johnny Cash en Bob Dylan. Hij boetseerde de optimale sfeer voor hun muziek, met intense aandacht voor hun karakters.

De Canadese bard Leonard Cohen had moeite met opnemen. "Bob was gastvrij. Hij creëerde een sfeer waarin je je best wilde doen, hij oordeelde niet, kritiseerde niet." Johnston haalde in de productie van Songs From A Room Cohen’s aarzelende zang naar voren. Hij had hem al verzekerd dat hij CBS zou dwingen Cohen de plaat te laten maken die hij wilde. En die belofte maakte hij waar. Vrienden waren ze. Johnston schreef voor Cohen – hij is zijn carrière begonnen als liedjesschrijver – en ging met hem op tournee, als pianist.

Simon & Garfunkel hadden de lp Sounds Of Silence wat haastig in elkaar gezet en uitgebracht om het succes van de single volledig te benutten. Johnston gaf ze alle ruimte en tijd voor hun nieuwe album en bemoeide zich nergens mee. "Moet ik Paul Simon vertellen dat dit of dat liedje te langzaam is. Kom zeg. Hij was wel de enige die zich ooit bemoeide met het geluid." Parsley, Sage, Rosemary & Thyme heet Simon & Garfunkel's eerste meesterwerk.

Johnny Cash mocht van CBS helemaal geen live-albums in gevangenissen opnemen. Johnston en hij konden rekenen op ontslag als ze ook maar aanstalten zouden maken. Bob trotseerde zijn bazen en belde Folsom Prison dat Johnny Cash kwam optreden en opnemen. Cash kreeg zijn gevangenisplaat, de rest is geschiedenis.

Joe Henry - naast singer-songwriter zelf gewaardeerd producer - schrijft in zijn in memoriam dat we Bob Johnston hem alleen al om zijn samenwerking met Dylan eeuwige dank zijn verschuldigd. Hoe die twee bij elkaar kwamen, heeft niemand ooit duidelijk kunnen of willen maken. Dylan vertelt dat Bob Wilson op de producerstoel zat en de volgende dag Bob Johnston. Johnston zelf weet niet beter of Dylan en zijn manager hadden Wilson niet hoog zitten. Wilson heeft yoy zijn dood in 1978 gezwegen. Hoe dan ook, Johnston was de nieuwe man. Lichtelijk absurd is de beslissing wel, want Wilson en Dylan hadden net de muziekwereld verrast en opgeschud met Like A Rolling Stone. Het is het enige nummer op Highway 61 Revisited dat Johnston niet heeft geproduceerd. Een losse opmerking van Johnston bracht Dylan naar Nashville. Daar namen ze Blonde On Blonde op, Dylan’s volgende mijlpaal. De muzikanten stonden dag en nacht paraat, herinnert organist Al Kooper zich. Dat was nog nooit vertoond.

Ook Dylan mocht zijn gang gaan onder Johnston’s ‘leiding’. De producer suggereerde en dacht mee maar beval niets. Het leverde een serie baanbrekende albums op. Hoeden af voor Bob Johnston.

Bob Johnston: 14 mei 1932-14 augustus 2015

Foto: Bob Johnston eind jaren zestig met Bob Dylan en Johnny Cash tijdens de opnamen van Nasville Skyline

Lees Joe Henry's in memoriam "Is It Rolling,Bob?"